Eerste bewoning Apeldoorn

Eerste bewoning

Apeldoorn ligt net aan de rand van het bos van de Veluwe. Omdat ze zo groot is, ligt de ene helft van het dorp hoger dan de andere, het hoogteverschil vanaf het centrum naar de rand van Apeldoorn aan de boskant, is ca. 8-10 meter. De Veluwe is gevormd door het de laatste ijstijd, het Saalien (370.000-130.000 jaar geleden), toen het landijs tot halverwege Nederland kwam. De stuwwal is op sommige plaatsen meer dan honderd meter hoog. Door de vele heldere stroompjes die er op de Veluwe lopen, en doordat het langzamerhand weer steeds warmer werd, kon er vegetatie gaan groeien. Reden voor de mensen om rond de Veluwe te gaan wonen. Er was daar genoeg voedsel te vinden en er was dus water in overvloed. Daarnaast zaten ze mooi hoog, dus gegarandeerd droge voeten.

De oudst gevonden sporen van bewoning binnen de gemeente Apeldoorn dateren uit het Mesolithicum, rond 8800-4900 voor Chr. Dit is terug gevonden als resten van tijdelijke verblijfplaatsen van Jagers en Verzamelaars uit die tijd. Je zou kunnen stellen dat zij dus de eerste bewoners waren van Apeldoorn.

Rond 2800, in het Neolithicum (5300-2000 voor Chr.) veranderde iets drastisch aan de bestaanswijze in deze omgeving. Niet alleen bleven de mensen meer op één plek, ook deed de akkerbouw en de veeteelt zijn intrede. Men ging zich bezig houden met het vervaardigen van aardewerken potten die niet alleen werd gemaakt voor gebruik, maar ook als grafgift. De plaatsen die werden bewoond in het Neolithicum, werden ook nog veel bewoond in de Bronstijd (2000-800 voor Chr.). Dit is terug te vinden in de gevonden artefacten. Waren deze eerst uit vuursteen, been en gewei vervaardigd, nu zaten er ook voorwerpen tussen die vervaardigd waren uit brons.

Ook zijn er in de omgeving van Apeldoorn sporen terug gevonden van ijzeren artefacten, die logischerwijs uit de IJzertijd dateren (800-12 voor Chr.). Er is zelf in Apeldoorn zelf een volledige boerderijplattegrond teruggevonden. Dit was bij de aanleg van de Kleine Fluitersweg wat in Apeldoorn Noord ligt. Maar ook zijn er vuurstenen en aardwerk gevonden die dateren uit de steentijd, bronstijd en ijzertijd.

Van de Romeinse tijd is niets terug gevonden in Apeldoorn. Dit komt doordat het Romeinse rijk tot aan het Rivierengebied oprukte, dus tot de Maas, Rijn en de Waal. Apeldoorn ligt daar toch een heel stuk boven ook al zag Nederland er in die tijd anders uit dan nu en liepen de rivieren ook niet precies hetzelfde. Er zijn ook geen sporen van Romeinse voorwerpen gevonden in of in de buurt van Apeldoorn.

Na deze periode lijkt het stil te worden rondom Apeldoorn. Het eerstvolgende wat is teruggevonden over de stad dateert uit de het einde van de vroege middeleeuwen, 792-793 na Chr. Vanaf dat moment groeien er kleine nederzettingen die later Apeldoorn zouden vormen zoals het er nu uit ziet. Maar hierover later meer.

Grafheuvels

De oudste grafheuvels die rondom Apeldoorn zijn teruggevonden dateren uit het Neolithicum. Rondom Apeldoorn komen deze grafheuvels het meeste op het kroondomein voor, het domein van Het Loo. Je zou denken dat bij deze grafheuvels nederzettingen moeten hebben gelegen, maar vreemd genoeg is daar zo goed als niets van terug gevonden. In 2008 is er vanuit de Universiteit van Leiden een uitgebreid onderzoek naar deze grafheuvels geweest. Dit in samenwerking met de gemeente Apeldoorn.

Periode

Rondom Apeldoorn zijn er grafheuvels terug te vinden die dateren vanaf het Neolithicum tot in de IJzertijd.

Wie maakten ze?

De eerste grafheuvels zijn gemaakt door jagers en verzamelaars uit het Neolithicum en deze traditie bleef standhouden tot aan de (boeren) bewoners in de IJzertijd. Door de eeuwen heen veranderde echter wel het gebruik en veranderde ze ook enigszins van gedaante. Grafheuvels werden gemaakt van heideplaggen.

Het gebruik

In de eerste instantie werd een grafheuvel maar voor één persoon gebruikt. Later werden er meer mensen in begraven, meestal boven elkaar waardoor de heuvel steeds hoger werd, soms ook naast elkaar. Er zijn ook grafheuvels met urnen terug gevonden. Vanaf de late bronstijd werden de mensen namelijk eerst gecremeerd en daarna in een urn in een grafheuvel gezet.

Uiterlijk

Grafheuvels hebben meestal een sloot om de heuvel heen. Later in de bronstijd maakt men echter ook grafheuvels met een ringwal er omheen en palen buiten de heuvel. Soms vind je ook ringsloten aan de heuvelvoet.

Wanneer je een AHN (actueel hoogtebestand Nederland) kaartje neemt van de Veluwe zou je de grafheuvels moeten kunnen onderscheiden.

©Claudia Grootenhuis